Welkom op Klimaatinfo.nl. U bezoekt deze site in een zeer verouderde en onveilige browser. Onze site werkt hierdoor niet optimaal. Voor de beste ervaring op onze website en uw eigen online veiligheid raden wij u ten zeerste aan een moderne browser als Chrome, new Egde of Safari te gebruiken!

970x250_Spanje_NDL.jpg

nieuw-zeeland Het klimaat van Nieuw-Zeeland

Nieuw-Zeeland heeft voor een groot deel een gematigd zeeklimaat. Volgens de klimaatclassificatie van Köppen valt een groot deel van het land binnen de Cfb-klimaten, met milde winters, gematigd warme zomers en neerslag in alle seizoenen. Het noorden van het Noordereiland heeft plaatselijk subtropische kenmerken, vooral door de zachte winters en relatief hoge luchtvochtigheid, maar het klimaat blijft sterk beïnvloed door zee, wind en wisselende depressies.

Door de langgerekte ligging van Nieuw-Zeeland zijn de regionale verschillen groot. Het land strekt zich uit van het warmere noorden tot het koelere zuiden en heeft daarnaast grote hoogteverschillen. De hoger gelegen delen, vooral in de Zuidelijke Alpen op het Zuidereiland, hebben een bergklimaat met lagere temperaturen, sneeuwval en plaatselijk gletsjers. In deze gebieden liggen ook de bekendste wintersportgebieden van Nieuw-Zeeland.

Nieuw-Zeeland heeft gemiddeld veel zonuren, al verschilt dit sterk per regio. De zonnigste gebieden liggen onder meer in het noorden en noordoosten van het Zuidereiland, waar plaatsen als Nelson en Blenheim relatief veel zon krijgen. Aan de westkant van het Zuidereiland is het weer natter en wisselvalliger. Daar zorgen westelijke luchtstromingen vanaf de Tasmanzee voor veel bewolking en neerslag, vooral wanneer vochtige lucht tegen de bergen wordt opgestuwd.

De neerslagverdeling wordt sterk bepaald door de bergketens. De westkust van het Zuidereiland behoort tot de natste delen van het land, terwijl gebieden ten oosten van de Zuidelijke Alpen een stuk droger zijn. Dit regenschaduweffect is goed merkbaar in delen van Canterbury en Otago. Op het Noordereiland zijn de verschillen kleiner, maar ook daar zorgen reliëf, kustligging en windrichting voor duidelijke regionale verschillen.

Omdat Nieuw-Zeeland op het zuidelijk halfrond ligt, lopen de seizoenen tegengesteld aan die in Nederland. De zomer valt in december, januari en februari. De winter valt in juni, juli en augustus. Wie van noord naar zuid reist, merkt meestal een daling van de gemiddelde temperatuur, omdat het zuiden verder van de evenaar ligt.

Zomer in Nieuw-Zeeland

De zomers in Nieuw-Zeeland zijn meestal gematigd warm. In veel kustgebieden liggen de middagtemperaturen in januari en februari tussen ongeveer 20 en 25 graden. In het binnenland en aan de oostkant van beide eilanden kan het warmer worden, met plaatselijke temperaturen rond of boven 30 graden. Langdurige extreme hitte komt minder vaak voor dan in Australië, doordat Nieuw-Zeeland veel sterker onder invloed van zee staat.

In de bergen blijven de temperaturen lager. Op grotere hoogte kan het weer ook in de zomer snel omslaan. Zon, regen, wind en lagere temperaturen kunnen elkaar binnen korte tijd afwisselen. Vooral wandelaars en reizigers die nationale parken bezoeken, moeten rekening houden met sterke verschillen tussen kustgebieden, dalen en bergpassen.

De zomer is in veel regio’s de droogste periode van het jaar, maar volledig droge zomers zijn in Nieuw-Zeeland ongebruikelijk. Aan de westkust blijft ook in de zomer kans op stevige regen bestaan. Aan de oostkant van het Zuidereiland is de kans op droge en zonnige dagen groter.

Winter

De wintermaanden verlopen in de laaggelegen kustgebieden meestal mild, vooral in het noorden van het Noordereiland. In Auckland en omgeving blijven de temperaturen vaak ruim boven het vriespunt. Verder naar het zuiden en in het binnenland worden de winters duidelijk koeler.

Op het Zuidereiland komt sneeuw in de winter regelmatig voor in de bergen en op hoger gelegen passen. Ook lager gelegen delen in het binnenland en aan de oostkant kunnen met sneeuw te maken krijgen, al blijft sneeuw in veel kustplaatsen beperkt. De Zuidelijke Alpen hebben in de winter en het vroege voorjaar de beste omstandigheden voor wintersport.

In berggebieden kan winterweer voor wegafsluitingen en gevaarlijke rijomstandigheden zorgen. Bergpassen kunnen tijdelijk gesloten worden door sneeuw, ijs of harde wind. Reizigers die in de winter met een huurauto rondrijden, moeten rekening houden met winterse omstandigheden buiten de grote steden.

Onvoorspelbaar en wisselvallig

Het weer in Nieuw-Zeeland kan snel veranderen. Door de ligging tussen de Tasmanzee en de Grote Oceaan trekken storingen regelmatig over het land. In combinatie met bergen, kustgebieden en open vlakten ontstaan op korte afstand grote verschillen in temperatuur, wind en neerslag.

Vooral in berggebieden en aan de westkant van het Zuidereiland kan het weer meerdere keren per dag omslaan. Een droge ochtend kan gevolgd worden door regen, wind en lagere temperaturen later op de dag. In het voor- en najaar zijn de verschillen vaak het grootst, omdat warme en koude luchtmassa’s elkaar dan vaker afwisselen.

Wie een rondreis door Nieuw-Zeeland maakt, moet rekening houden met uiteenlopende weersomstandigheden. Zomerse kleding is in de warmere maanden nuttig, maar warme lagen, regenkleding en winddichte kleding blijven ook dan belangrijk. In de bergen en op het Zuidereiland kunnen koele dagen ook buiten de winter voorkomen.

Orkanen

Nieuw-Zeeland ligt buiten de belangrijkste zone waar tropische cyclonen ontstaan. Toch kunnen restanten van tropische cyclonen het land bereiken, vooral in de periode van november tot april. Deze systemen zijn meestal afgezwakt tegen de tijd dat ze Nieuw-Zeeland bereiken, maar ze kunnen nog steeds veel regen, harde wind en overlast veroorzaken.

De grootste impact ontstaat vaak door langdurige of intensieve regen. Vooral regio’s met steile hellingen, rivierdalen en kwetsbare kustgebieden kunnen dan te maken krijgen met overstromingen, aardverschuivingen en afgesloten wegen. De noordelijke en oostelijke delen van het Noordereiland zijn gevoeliger voor dit soort situaties dan de meeste zuidelijke regio’s.

Naast restanten van tropische cyclonen krijgt Nieuw-Zeeland ook te maken met gewone depressies en stormsystemen uit de gematigde breedten. Die kunnen het hele jaar door wind, regen en ruwe zee veroorzaken. Daardoor hoort stormachtig weer bij het klimaatbeeld van Nieuw-Zeeland, vooral aan open kustlijnen en in hoger gelegen gebieden.

Klimaatcijfers

Onderstaande cijfers zijn gebaseerd op langjarige gemiddelde klimaatstatistieken. De temperaturen worden weergegeven in graden Celsius (°C).

maximum temperatuur minimum temperatuur uren zonneschijn per dag dagen neerslag per maand hoeveelheid neerslag per maand water temperatuur
maximum temperatuur minimum temperatuur uren zonneschijn per dag dagen neerslag per maand hoeveelheid neerslag per maand water temperatuur
januari
22℃
14℃
8
9
18℃
februari
23℃
14℃
8
8
19℃
maart
21℃
12℃
6
11
19℃
april
18℃
10℃
6
11
18℃
mei
16℃
7℃
5
12
16℃
juni
14℃
5℃
4
14
14℃
juli
13℃
3℃
4
15
13℃
augustus
14℃
4℃
5
15
13℃
september
15℃
7℃
6
14
13℃
oktober
17℃
9℃
7
13
14℃
november
19℃
11℃
7
12
15℃
december
21℃
13℃
8
12
17℃

0-5 mm =  NIHIL

|

6-30 mm =

|

31-60 mm =

|

61-100 mm =

|

101-200 mm =

|

meer dan 200 mm =

januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
nodata
maximum temperatuur
22℃
23℃
21℃
18℃
16℃
14℃
13℃
14℃
15℃
17℃
19℃
21℃
nodata
minimum temperatuur
14℃
14℃
12℃
10℃
7℃
5℃
3℃
4℃
7℃
9℃
11℃
13℃
nodata
uren zonneschijn per dag
8 8 6 6 5 4 4 5 6 7 7 8
nodata
dagen neerslag per maand
9 8 11 11 12 14 15 15 14 13 12 12
nodata
hoeveelheid neerslag per maand
nodata
water temperatuur
18℃
19℃
19℃
18℃
16℃
14℃
13℃
13℃
13℃
14℃
15℃
17℃

0-5 mm =  NIHIL

|

6-30 mm =

|

31-60 mm =

|

61-100 mm =

|

101-200 mm =

|

meer dan 200 mm =

Meer klimaatinformatie

Klimaatcijfers zijn handig, maar bieden geen totaalbeeld van het klimaat en de mogelijke weersomstandigheden binnen een bepaalde periode. Hoe groot de kans op winters weer, (extreme) hitte of orkanen is vind je vaak niet terug in cijfers. Daarom bieden wij per maand handige extra klimaatinfo.

kans op (zeer) warm weer kans op winters weer kans op langdurige neerslag kans op orkanen (cyclonen) zonzekerheid UV-index
januari

UV 10+

februari

UV 8-10

maart

UV 6-8

april

UV 3-6

mei

UV 0-3

juni

UV 0-3

juli

UV 0-3

augustus

UV 0-3

september

UV 3-6

oktober

UV 6-8

november

UV 8-10

december

UV 10+

klik hier voor uitleg over de symbolen
januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
kans op (zeer) warm weer
kans op winters weer
kans op langdurige neerslag
kans op orkanen (cyclonen)
zonzekerheid
UV-index

UV 10+

UV 8-10

UV 6-8

UV 3-6

UV 0-3

UV 0-3

UV 0-3

UV 0-3

UV 3-6

UV 6-8

UV 8-10

UV 10+

klik hier voor uitleg over de symbolen